Via Vallonie / De Weg door Wallonie

Via Vallonie / De Weg door Wallonie

Product no.: AD90
Price excl. tax: €22.60
Price (incl. tax postage and handling): €24.00

De Via Vallonia is een lineaire, niet gemarkeerde wandelroute van 217 kilometer.  De Route begint in Maastricht, loopt door het Waalse deel van België en eindigt in Rocroi in Frankrijk. De Route komt door dorpjes en  steden en landschap gevuld met geschiedenis. De Route sluit aan op het Pelgrimspad 2 en zou daarom ook Pelgrimspad 3 kunnen heten.

In het Zuiden, in Rocroi sluit het aan bij de Via Campaniensis of de GR 654. De Route loopt parallel aan de Via Mosana, the Via Monastica of de GR 654, maar volgt een meer direct en korter traject naar Rocroi.

Voor een deel volgt de Route de Maas Vallei en voor velen zal het een etappe zijn op hun pelgrimstocht naar Santiago de Compostella in Spanje.

In de Gids vindt u een gedetailleerde beschrijving van de Route, een beknopte beschrijving van interessante plaatsen, welke voorbereidingen te treffen, kaarten, weersomstandigheden, onderdak langs de Route, openbaar vervoer en andere belangrijke informatie. De Via Vallonia is op een naar 1:25.000 vergrote 1:50.000 kaart aangegeven.

 

Via Vallonia, Inleiding

De Via Vallonia is een lange afstand wandelroute/Pelgrimsroute door België. Het is één van de trajecten die gebruikt kan worden op een pelgrimstocht naar Santiago de Compostella. De Route verbindt Maastricht met Rocroi in Noord Frankrijk. Op de weg naar Santiago de Compostella verbindt de Route het Pelgrimspad 2 met de Via Campaniensis of de langere GR 654.

Het doel was om een plezierige en praktische Route te ontwikkelen waarbij grote omwegen en moeilijke stukken zoveel mogelijk worden vermeden. Het maakt gebruik van delen van bestaande routes. Waar mogelijk loopt de Route in de buurt van accommodaties. Het resultaat is een Route van ongeveer 220 kilometer.
Ter vergelijking, de lengte van de combinatie van de Via Mosana en de GR 654 tussen hetzelfde begin en eindpunt is 270 kilometer.

Door een aantal wandelaars zal het als een nadeel worden gezien dat de Route niet is gemarkeerd. Echter, in de Routebeschrijving worden duidelijke instructies gegeven over het volgen van de Route. Verder is de Route aangegeven op de 1:50.000 kaarten van de Nationaal Geografisch Instituut van België. Deze zijn in de gids in een 1:25.000 schaal opgenomen. En omdat je inmiddels ook waarschijnlijk de Pelgrimspad 1 en 2 hebt gewandeld, zal wandelen met een kaart geen probleem hoeven te zijn.

Deze gids bevat informatie over de Route, informatie over onderdak, over openbaar vervoer, over het gebied en de plaatsen waar de Route doorheen gaat en andere praktische informatie. Er wordt geen informatie gegeven over het spirituele deel van een Pelgrimage.

De Route gaat door het Franstalige gedeelte van België, Wallonië. De naam van de Route is hieraan gerelateerd. En de Route gaat door de Condroz, een regio in Wallonië. De route loopt vooral door het platteland, op enige kilometers van de Meuse. Zo nu en dan daalt de Route af in de Meuse vallei en is daarom niet plat zoals de Pelgrimspad 1 en 2. Het grootse deel van de Route gaat over onverharde wegen of kleine binnenwegen.

Gekozen is om de Route niet langs de oever van de Meuse te laten lopen. Een Route langs de oever heeft nadelen; de vallei van de Meuse is een doorgangsgebied voor spoor en wegverkeer en met veel industrie. Verder zijn de paden langs de Meuse veelal verhard en is de verleiding groot om lange afstanden af te leggen, want het loopt zo lekker; dit met risico's op blaren of andere (over)belasting gerelateerde problemen.

Natuurlijk is het mogelijk om van de Route af te wijken en om op de oever van de Maas verder te gaan. Mijn advies is om dit maar beperkt te doen en om van het landschap te genieten wat naast de rivier ligt.

Het klimaat in België komt overeen met Nederland. Het kan er nat zijn, maar over het algemeen is het in de zomer net wat droger. De Route gaat door een gebied waar zware sneeuwval in de winter niet ongebruikelijk is.

Langs de Route

De Route gaat voor een groot deel door de (lage) Ardennen, een laag berggebied in het oosten van België, Luxemburg en Frankrijk. Het is een uitgebreid bosgebied.  De Meuse en zijn vallei vormen een soort kader voor de Route. De Meuse vallei is en was van groot economisch belang voor België. Het wordt beschouwd als een van de eerste geïndustrialiseerde gebieden van Europa. Deze rol is de afgelopen jaren gestaag afgenomen en momenteel is de werkeloosheid hoog. De Meuse vallei is een logische grens en door de eeuwen was het een gebied van groot strategisch belang waarom vaak gevochten is. Het aantal forten langs de Maas is hiervan een goede indicatie.

Maastricht is het begin van de Route. Vanaf Maastricht volgt de Route de Meuse, eerst langs een museum en later het Provinciehuis. Na Maastricht is Eijsden de volgende plaats. Het heeft een mooie kern en is de meest zuidelijke en de laatste stad in Nederland aan de Route. In het centrum is een pleintje en niet onbelangrijk op een warme dag, een ijssalon.

Net voor het verlaten van de stad passeer je het kasteel van Eijsden. De tuin is open voor het publiek. Dit kasteel was een geliefd onderkomen voor generaals tijdens veldslagen; bijvoorbeeld als Maastricht werd belegerd.


Visé is de eerste Belgische stad aan de Route. Een goede plek om inkopen te doen. In de stad zijn veel afbeeldingen van ganzen; de stad heeft een lange geschiedenis met deze vogels, dit gaat terug naar het jaar 1376. In dat jaar werd de stad belegerd. Een jonge ganzenhoedster wist het vaandel van de vijand te bemachtigen; dit bleek het keerpunt van de belegering. Vandaar de relatie van Visé met ganzen. Voor de ganzen is deze relatie echter niet een goede zaak; een bekend lokaal gerecht is ganzenvlees, wat op een speciale manier wordt klaargemaakt; een geheim wat door twee koks wordt bewaard.

Liège is een van de grootste steden langs de Meuse en een plek met veel zware industrie. De laatste jaren loopt deze industrie sterk terug.

Vanaf Liège was het een optie om de Via Mosana te volgen, via Esneux naar Huy. Op zich een route met een aantal mooie plekken. Onderdak langs deze route is echter niet ruim bezaaid en deze route is ongeveer 16 kilometer langer.
De Via Vallonia volgt een korter traject, langs de Meuse dit keer. Het is niet het mooiste deel van de tocht, met veel fabrieken. Hierdoor krijg je wel een goede indruk van het economische en historische belang van de Meuse.

Na Liège met zijn industrie gaat de Route heuvelopwaarts en komt aan bij het dorp Neuville-en-Condroz. In dit dorp is een Amerikaanse oorlogsbegraafplaats waar ongeveer 5400 militairen zijn begraven, vooral slachtoffers van het Ardennen offensief.

Door velden gaat de Route verder naar Saint-Séverin, een dorpje met een Pelgrim Onderdak. Het biedt een eenvoudig onderkomen. De beheerster van dit onderdak kan ook voor een warme maaltijd zorgen. Het onderdak ligt naast de St Peter en Paul kerk, vroeger een onderdeel van een priorij. De kerk bevat een bijzonder doopvond.

Villers-le-Temple is genoemd naar de orde van de Tempeliers, die hier eens een huis hadden.

Op weg naar Huy gaat de Route lang het kasteel de la Motte en Gee. Het kasteel is verlaten. Het was ooit een Hotel.

Net voor Huy kom je langs de kerk van Notre-Dame de La Sarte. In de kerk is een beeldje van Maria (een black madonna), een bestemming voor pelgrims. Het beeldje werd hier door een arme vrouw gevonden. Eerst werd een kapel en later een kerk gebouwd. Tijdens een droogte werden speciale gebeden aan het beeldje opgedragen en overvloedige regens volgden. Het beeld wordt nu iedere 7 jaar in processie door het dorp gedragen. De kerk was vroeger onderdeel van een Dominicaner klooster en verblijfplaats van Pater Pire; hij kreeg de Nobelprijs voor zijn werk voor vluchtelingen. Tegenover de kerk is een vakantieoord. 

Vanaf de kerk gaat de Route sterk heuvelafwaarts. Dit is een belangrijk onderdeel van de Waalse Pijl, een locale wielerronde waar wielrenners bergopwaarts gaan; de muur van Huy. Langs deze weg vind je kruiswegstaties.

Huy is een van de oudste steden in België. In het verleden bekend om zijn industrie, nu speelt toerisme een belangrijke rol in de lokale economie. Het is strategisch gelegen en in de stad is een groot en door zijn hoogte, makkelijke verdedigbaar fort. Door dit fort werd de stad vaak belegerd, totdat de bevolking genoeg kreeg van de ellende die dit veroorzaakte en het fort sloopte. Echter later is het weer herbouwd. Dit fort kan per kabelbaan bezocht worden.

Peter de Kluizenaar, leider van de eerste kruistocht, is in Huy geboren.

Vanaf Huy gaat de Route heuvelopwaarts uit de Meuse vallei en gaat door bos en agrarisch gebied. Bij Groyet kom je door de kleine vallei van de Samson rivier. Hier zijn grotten, een belangrijkprehistorische plek in België. Van Groyet gaat de route naar Mozet, beschouwd als een van de mooiste dorpen in België.

In Mozet, op het Domeine de Mozet, is een onderkomen van de Belgische katholieke verkenners; je bent er welkom.

Namur bevindt zich op de plek waar de Samber en de Meuse rivier samenkomen, deze stad was eeuwenlang van strategisch belang. Het is de hoofdstad van het Frans sprekende gedeelte van België, Wallonië. Vergeleken met Liège is industrie van minder belang.

Na Jambes, een grote wijk van Namur, komt de Route weer aan bij de Meuse. Aan de andere kant van de rivier is het centrum van Namur. Hier gaat de Route ongeveer 100 meter bergopwaarts naar de top van de heuvel naar de citadel van Namur. Dit is een van de grootste oude forten in Europa. In het verleden is het verschillende malen belegerd. In de recente geschiedenis is de rol van het fort overgenomen door een linie van
forten rond de stad. Deze verdedigingswerken werden zowel aan het begin van de eerste als de tweede wereldoorlog belegerd.

Vanaf de citadel gaat de Route verder door een parkachtig gebied. Onderweg komt het langs het Château de Namur, nu een Hotel. Gezien de prijs val je niet in de doelgroep

Door velden en soms door bos gaat de Route verder door het landschap. Onderweg komt het door enkele dorpjes. In de buurt van Profondeville komt de Route weer bij de Meuse aan en volgt deze voor enkele kilometers, een mooie en rustige wandeling.

Bij Annevoie-Rouillon verlaat de Route de Meuse vallei, langzaam heuvelopwaarts. Het gaat langs de tuinen van Annevoie, een belangrijke attractie in de regio. De tuinen zijn aangelegd rond een kasteel. In 1750 werd met de aanleg begonnen door een rijke ijzer handelaar. De tuinen beslaan ongeveer 55 hectaren. Ze zijn tegen betaling open vanaf eind maart tot begin november.

Tot nu toe zijn de dorpen langs de Route erg uitgestrekt en ook nieuwe wijken van een dorp zijn dusdanig aangelegd dat deze niet bijdragen aan het ontwikkelen van een dorpskern. In het nu volgende gebied zijn de dorpen echter meer compact en de meeste hebben een dorpskern. Dit is prettig want een dorpskern betekent meestal een bakker of een winkeltje of zelfs een restaurant.

Na een wandeling buiten de Meuse vallei, gaat het bij Anhée weer verder langs de Meuse, deze keer ook aan de andere kant van de rivier. Het is nu nog maar een korte wandeling naar Dinant.

Dinant is de laatste grote Belgische stad aan de Route. Het heeft een lange geschiedenis en in de loop van de tijd heeft de stad, door zijn strategische positie, veel oorlogen meegemaakt. Tijdens een opstand van de lokale bevolking tegen Karel de Stoute werden 800 inwoners door hem in de Meuse gegooid en verdronken. Aan het begin van de eerste wereldoorlog werden 670 inwoners door de Duitsers omgebracht. Boven Dinant ligt de citadel, nu een wapenmuseum. Het kan bereikt worden via een trap met 408 treden; maar er is ook een kabelbaan.

In Leffe, net voor Dinant, is in de Norbertijner Abdij een Pelgrims Onderkomen.

De kerk Collégiale Notre Dame de Dinant, met zijn kenmerkende uivormige toren, domineert het centrum. De kerk is gebouwd in de 13e eeuw en kwam in de plaats van een andere kerk; deze was verwoest door een grote rots. Een van de glas in lood ramen is een van de grootste in Europa.

Couque de Dinant is een specialiteit van Dinant, het is een beschuit die in verschillende vormen gemaakt wordt, gemaakt van bloem en honing. Het is op veel plekken te koop, maar kijk uit voor je gebit als je ze eet.

Koperwerk was eens een belangrijke industrie en Adolphe Sax, de uitvinder van de Saxofoon, is in Dinant geboren.

In Leffe, aan de rand van Dinant, heeft de orde van Norbertijnen een Abdij waar onderdak wordt geboden aan pelgrimgangers.
Vroeger was deze abdij bekend om zijn bier; deze wordt inmiddels elders gebrouwen.

Na Dinant verlaat de Route de vallei van de Meuse om hier bij Hastière Laveau weer terug te komen. Aan de andere kant van de rivier is Hastière-par-Delà, waar onderdak gevonden kan worden.

In Dinant stopt de spoorweg die de Route langs de Meuse volgde; vroeger ging deze verder naar het Zuiden, maar deze spoorverbinding is gesloten en de rails zijn verwijderd. De Route gaat na Hastière verder naar Hermeton via een Ravel; een fiets/wandelpad. Deze volgt
het oude traject van de spoorweg, dus in deze vorm is de spoorweg nog bruikbaar voor wandelaars. De rails zijn vervangen door asfalt en alleen voetgangers en fietsers mogen er gebruik van maken. De Ravel wordt 12 kilometer gevolgd, soms dichtbij de Franse grens. Vanaf Hermeton laat de Route de Meuse definitief achter zich. Langs de Route is een zijweg naar Givet, waar zich onderdak bevind.


Viroinval is een gemeente en bestaat uit 8 dorpen. De naam komt van de rivier die door dit gebied stroomt, de Viroin. Het Natural
Parc Viroinval-Hermeton bestrijkt het merendeel van dit gebied. Met zijn bossen is dit gebied duidelijk anders dan de gebieden waar de Route tot nu toe doorheen ging.

Treignes is het eerste dorp van de Viroinval. Het heeft een spoorwegmuseum dat gebruik maakt van een niet meer in gebruik zijnde spoorweg. Vrijwilligers en spoorwegenthousiastelingen onderhouden oud spoorwegmateriaal en zo nu en is op het spoor een oude train te
zien of te horen.

Het heeft ook een Ecomuseum met tentoonstellingen van gereedschap zoals deze vroeger door oude ambachtslieden gebruikt werden. De Route komt langs het Espace Arthur Masson, een museum over Arthur Masson, een bekende Belgische schrijver, die hier geboren is.

Vierver-Sur-Viroin wordt beschouwd als een van de mooiste dorpen van Wallonië. Om het dorp en het kasteel echt te kunnen waarderen is een kleine omweg nodig; zelfs het kerkhof met zijn kapelletje met koperen koepel ziet er aantrekkelijk uit.

Oignies-en-Thiérache wordt na een tocht van 7 kilometer door het bos bereikt, het is een dorp omringd door bossen. Het is hier rustig en stil. Het dorp ligt bijna op het geografische centrum van de oorspronkelijk 15 landen van de Europese Unie.

Vanaf hier gaat de Route verder door bos naar de Franse grens.

Rocroi is een oude grensstad en vestingstad. In 1643 vond bij Rocroi een veldslag plaats tussen Spaanse en Franse legers, de Fransen wonnen; een van de eerste en zeldzame gelegenheden dat de Spanjaarden in deze tijd een slag verloren.

Rocroi is het eindpunt van de Route. Vanaf hier kan je verder op de GR 654 of de Via Campaniensis naar Vézelay. De
Via Campaniensis is enkele jaren geleden ontwikkeld als een korter alternatief voor de GR 654.

Wat is de beste tijd

Gezien de weersomstandigheden is de beste tijd voor de Route tussen april en november. Als je kampeert is dit ook een goede periode; de meeste campings gaan in april weer open. Kampeerplaatsen sluiten in België eerder dan in Nederland en veel kampeerplaatsen sluiten al in
oktober.



De jacht is een gegeven om rekening mee te houden. Het jachtseizoen loopt van oktober tot januari en delen van de bossen aan de Route kunnen in deze periode enkele dagen gesloten zijn. Wanneer gejaagd wordt, staat aangegeven op posters aan het begin van een bos. Soms wordt de doorgang alleen vroeg in de morgen of de avond afgesloten.

Hoeveel tijd heb je nodig

De Route is ongeveer 217 kilometer lang en veel van de onderkomens zijn in de buurt van de Route. Voor sommige accommodaties kan het nodig zijn enkele kilometer extra te lopen. Over de hele Route zal dit ongeveer 20 kilometer extra zijn.

Hoeveel dagen je nodig hebt voor de Route hangt af van wat voor een tocht je voor ogen hebt, je fysieke conditie en het gewicht van je rugzak. Voor een ontspannen wandeling en voor een persoon met een normale conditie met bagage zonder kampeeruitrusting, reserveer rond de 9 - 12 dagen.

Onderdak

In de Route en Accommodatieplanner is een complete lijst met beschikbare accommodaties, aan of in de buurt van de Route, opgenomen. De accommodaties zijn niet gekwalificeerd. Wanneer een accommodatie meer dan € 75 kost, of meer dan 3 kilometer buiten de
Route ligt, is deze niet in de Planner opgenomen; vandaar ook dat enkele Hotels die in de beschrijving worden genoemd, niet in de Planner zijn te vinden. Onderweg zijn verschillende accommodaties die zich speciaal richten op Pelgrimgangers, je hebt hiervoor echter een Pelgrims Credential nodig.

Openbaar vervoer om naar en van accommodaties te komen is mogelijk, maar de meeste bussen lopen maar een paar keer per dag.  Treinverbindingen langs de Meuse kunnen hiervoor gebruikt worden.

Hotels: Hotels zijn te vinden in de grotere steden langs de Route, echter de meeste Hotels zijn te duur om in de Planner opgenomen te worden. De prijs is veelal €50 of hoger voor 1 persoon. Betaling is met betaalpas of credit card.

Pensions: Pensions zijn over het algemeen goed beschikbaar langs de Route, maar zijn over het algemeen wat luxer ingericht waardoor de prijs aan de hoge kant is, Verwacht ongeveer €40 of meer te betalen. Betaling is contant.

Jeugdherbergen: Aan de Route liggen 3 jeugdherbergen; in Maastricht, in Liège en in Namur. Door de spoorverbindingen van deze steden naar andere plaatsen langs de Route kunnen ze voor enkele secties als basis gebruikt worden. Daarnaast zijn er nog enkele Gite d'Etappes, een soort onderkomen wat wel wat weg heeft van een jeugdherberg.

Campings: Langs de Route liggen verschillende campings, het is echter moeilijk om de hele Route te lopen en alleen op campings te overnachten.

Wild kamperen is in België niet toegestaan. De Route komt langs veel plekken waar het eenvoudig is om wild te kamperen. Vaak zal dit niet nodig zijn. De bevolking is gastvrij naar pelgrims en informatie op verschillende blogs van pelgrimgangers, maakt duidelijk dat ze
vaak toestemming kregen om op iemands land te kamperen. Natuurlijk, als je wild kampeert, wees voorzichtig met vuur.

Pelgrim Onderkomen: Langs de Route zijn verschillende accommodaties die zich speciaal richten op pelgrims. Als je hiervan gebruik maakt, is een Pelgrims Credential essentieel. In de praktijk wordt deze echter niet vaak gecontroleerd.

Een Credential is verkrijgbaar bij de Nationale Pelgrims Organisaties, hiervoor moet je echter meestal lid worden. Hoewel wandelen naar Santiago de Compostella gebruikelijk geassocieerd wordt met een Christelijke Pelgrimage, wordt een credential aan iedereen verstrekt die
behoefte heeft aan een 'wandelende' retraite.

Pelgrim Onderkomens worden beheerd door mensen die het hun Christelijke of Menselijke opdracht vinden om voor Pelgrims onderdak te bieden. Onderkomens worden beheerd door vrijwilligers, sommige zijn te vinden in kloosters en anderen bij mensen thuis.

Per nacht wordt ongeveer € 20 gerekend, vaak ook lager, of er wordt een vrijwillige bijdrage gevraagd. Faciliteiten kunnen eenvoudig zijn. De Walloonse pelgrim organisatie geeft een lijst uit voor haar leden met vrijwilligers die onderdak bieden aan Pelgrims.

Reserveren: Om aan het einde van de dag zeker te zijn van een bed is mijn advies om minimaal een dag van tevoren te reserveren. Als je een reservering maakt, maak dan een aantekening in de accommodatielijst waar je geboekt hebt; op deze wijze wordt de volgende dag verwarring voorkomen.

Andere voorzieningen langs de Route:

Winkels: De lokale bevolking gaat naar grote supermarkten om hun boodschappen te doen en de meeste dorpen missen een kleine winkel. Het is daarom nodig om het kopen van voorraden goed te plannen. Bakkers zijn vaker te vinden, zodat brood (of gebakjes) minder
een probleem is.

Banken: Zeker als je veel in pensions slaapt, zal je voorraad contanten snel slinken. Langs de Route liggen de flappentappers ver uit elkaar dus ook hier is het verstandig om het opnemen van geld goed te plannen.

Openbaar vervoer

Bus: Langs de Route zijn veel bushaltes. De meeste buslijnen zijn school gerelateerd en rijden vooral in de ochtend en de namiddag en weinig daartussen. Ook zijn er andere tijden voor woensdag en weer andere tijden tijdens examens. Op zaterdag zijn er minder bussen en op zondag vrijwel geen. Tijdens schoolvakanties zijn er aangepaste vertrektijden.

Echter, uitgezonderd de weekeinden en de vakantieperiodes, zijn de vertrektijden in de ochtend en namiddag vaak bruikbaar voor wandelaars.

Trein: Langs de Meuse vallei en in de buurt van de Route is een spoorweg en dit kan handig zijn. Stations zijn op de Routekaart aangegeven. Er zijn regelmatig treinen tussen de grote steden en de tussenliggende stations. De treinen rijden ook in het weekeinde en de schoolvakanties.

Op de website www.belgianrail.be kan worden gezocht naar punt tot punt verbindingen met de bus en met de trein. In de bijlagen is een kaart opgenomen met de beschikbare trein en bus verbindingen op of in de buurt van de Route en een beknopt overzicht met vertrektijden van busverbindingen aan de Route.

Openbaar vervoer en Begin en Eindpunt: Maastricht is per trein goed  bereikbaar. Rocroi heeft als eindpunt zijn beperkingen, omdat het vanuit het
perspectief van openbaar vervoer in een vacuüm ligt; er gaat ongeveer 1 bus per dag naar het dichtstbijzijnde spoorstation in Revin. De afstand is echter zo kort dat de kosten voor een taxi te overzien zijn. Vanuit Revin gaat een trein naar Givet; van Givet gaat regelmatig een bus naar Dinant. In Dinant is een spoorstation.

Een alternatief is om niet in Rocroi te eindigen maar in een van de laatste Belgische dorpjes aan de Route. Neem vandaar een bus naar Couvin. Couvin heeft een spoorstation en er gaat een directe bus van Couvin naar Namur.

Wat mee te nemen

Noodgevallen: Helaas komen ongelukken en andere ongemakken voor. Schrammen, blaren, honden beten, of nog ergere situaties zijn snel bedacht. Het is niet mogelijk om overal rekening mee te houden, ik raad echter aan een basis eerste hulp pakketje mee te nemen en
enige kennis over eerste hulp.

Neem verder een thermometer, een isolatiedeken, pijnbestrijding, een zakmes en een tekentangetje (zie laatste deel van de inleiding) mee. Om hulp te roepen, een fluit, een zaklamp. Je mobieltje kan handig zijn om hulp in te schakelen; draai dan nummer 112.

Toestand van de Route: het merendeel van de Route is op onverharde wegen of op verharde locale wegen. Slechts korte stukken zijn op paden. Bergschoenen zijn zelden nodig en dan vooral omdat het modderig of nat is. Europese wandelschoenen klasse A/B zijn over het algemeen voldoende, overweeg een klasse B als je een zware rugzak draagt. Als het weer droog is, kan het merendeel van de Route met
wandelsandalen gelopen worden.

Drinkwater: Kraanwater in België is geschikt als drinkwater, flessen water zijn goed verkrijgbaar. Omdat je regelmatig door dorpjes loopt is het niet nodig grote hoeveelheden te dragen.

Weersomstandigheden: België heeft een mild klimaat met vaak goed wandelweer. Als je geluk hebt kan je een periode van mooi weer hebben en met pech heb je iedere dag regen. Regelmatig kom je door bos zodat je enige beschutting hebt tegen het weer.



De winter is wat kouder dan in Nederland met een meer kans op veel sneeuw.  Gezien de gemiddelde weersomstandigheden, zorg voor een goede bescherming tegen de regen. Als je in het voorjaar of najaar loopt, neem dan goede kleding mee tegen de kou en gure weersomstandigheden. Maar neem ook een petje mee tegen de zon!! Tenzij je ervaring hebt met wandelen in de winter/sneeuw en de daarbij passende uitrusting, raad ik af om de Route in de winter te wandelen.

Eten: Ontbijt is meestal een onderdeel van het onderdak, soms moet je hiervoor extra betalen. Enkele van de meer eenvoudige pensions geven een plastic zak zodat je een lunchpakket kan maken.

Lunch: Kan een probleem zijn, omdat de  meeste kleine dorpjes een dorpskern missen en er dus weinig lokale restaurants zijn. Soms heeft een dorpje een bakkerij of een winkel en sommige dorpjes hebben een fritery; de Belgische naam voor snackbar. Dus zorg dat je wat eten
bij je hebt voor de lunch.

Avondeten: Wanneer je van pension naar pension trekt, kan het avondeten een probleem zijn, omdat sommige pensions geen restaurant in de buurt hebben. Echter, sommige pensions verzorgen tegen betaling, een maaltijd.

Wanneer avondeten belangrijk voor je is, koop dan onderweg een kant-en-klaar maaltijd; deze zijn in de meeste supermarkten verkrijgbaar. Vooral kant-en-klaar maaltijden die niet gekoeld hoeven te worden zijn handig. Vraag de eigenaar van het pension om de maaltijd in de magnetron op te warmen. Dit werkt prima en bied een betaalbaar alternatief.

Dieren onderweg

Wild: De kans is redelijk groot dat je onderweg wild tegenkomt. Hier maak ik me over het algemeen geen zorgen over. Het is verstandig om in geval van wilde zwijnen voorzichtig te zijn, vooral als deze met biggen hebben.

Vee: De Route doorkruist enkele weilanden met mogelijk vee; dit kunnen zowel mannelijke als vrouwelijke exemplaren zijn. Ik heb hierdoor nooit problemen ondervonden. De algemene regel is houd afstand, besteed geen aandacht aan de dieren en zorg er voor dat je vee niet per ongeluk klem loopt (want dan kan de situatie ontstaan dat de enige ontsnappingsmogelijkheid voor het vee, die plek is waar jij bent).

Honden: Honden zijn meestal achter een hek of aan een lijn en zijn geen probleem. Echter, soms gaat de Route over een erf en zijn kleine honden niet aangelijnd. Deze kleine honden kunnen fel zijn en hebben scherpe tanden! In het algemeen is het prettig om een wandelstok te hebben die je tussen jou en de hond kan houden. Verder is de beweging van het oppakken en gooien van een steen voor veel honden genoeg om de aftocht te blazen.

Teken: Regelmatig gaat de Route door gras, lage struiken of bos; de leefomgeving van Teken. De ziekte van Lyme wordt door teken overgedragen.

Een actief beleid tegen teken is daarom aan te raden:

-              Draag kleding met lange pijpen en mouwen

-              Steek de pijpen van de broek in je sok

-              Draag bij voorkeur lichte kleding, zodat je teken makkelijker ziet

-              Gebruik een insectenwerend middel

-              Controleer je lichaam op teken



Search site

Contact

WalkingTrails of the World 5 Meiplein 11
6701 DW
Wageningen
the Netherlands
0031651591471